De vervanging van een onderaannemer buiten de rechtbank om

Een onderaannemer die niet meer opdaagt op de werf, die gebrekkige werken uitvoert of die hardnekkig weigert om tekortkomingen te herstellen: als hoofdaannemer wordt u vroeg of laat hiermee geconfronteerd.
Het Burgerlijk Wetboek biedt onder bepaalde voorwaarden de mogelijkheid om een aannemer buitengerechtelijk te laten vervangen. Deze regeling laat toe om snel in te grijpen, zonder te moeten wachten op een uitspraak van de rechter.
Wat precies?
Artikel 5.85 BW laat een contractspartij toe om een verbintenis door een derde te laten uitvoeren op kosten van de onderaannemer, wanneer deze laatste haar contractuele verplichtingen niet nakomt.
De hoofdaannemer kan dus een andere aannemer aanstellen om achterstallige werken af te werken of gebreken te herstellen. De kosten die daarmee gepaard gaan, kunnen vervolgens worden verhaald op de onderaannemer die in gebreke is gebleven.
Welke voorwaarden?
Aan de buitengerechtelijke vervanging zijn een aantal voorwaarden verbonden.
Zo moet de hoofdaannemer haar onderaannemer eerst schriftelijk in gebreke stellen en een laatste redelijke termijn geven om haar verplichtingen alsnog na te komen. Daarbij moet de hoofdaannemer ook een duidelijk opsomming geven van de gebreken/resterende werken, én moet ze haar voornemen om tot vervanging over te gaan duidelijk meedelen.
Wanneer de onderaannemer vervolgens alsnog in gebreke blijft, kan de hoofdaannemer een derde aannemer aanstellen voor uitvoering van de resterende werken/het herstel.
De vervanging zelf moet op een redelijke wijze gebeuren. De hoofdaannemer dient zorgvuldig te handelen en mag geen buitensporige kosten maken. De kosten van de derde aannemer moeten ook in verhouding staan tot de oorspronkelijke verbintenis en mogen niet onredelijk oplopen.
Pragmatisch alternatief voor gerechtelijke procedure
Hét voordeel van artikel 5.85 BW is dat geen voorafgaande rechterlijke machtiging vereist is. Het vormt dan ook een pragmatisch alternatief, wanneer snel optreden noodzakelijk is om verdere vertragingen, schade of bijkomende kosten te vermijden.
Voorzichtigheid blijft wel geboden: indien naderhand zou blijken dat de voorwaarden niet strikt vervuld waren, bestaat het risico dat de gemaakte kosten niét op de in gebreke gebleven onderaannemer kunnen worden verhaald. Meer nog: je riskeert als hoofdaannemer bovendien ook nog eens een schadevergoeding te moeten betalen aan de in gebreke blijvende onderaannemer.
Een zorgvuldig opgebouwd dossier blijft essentieel
De toepassing van artikel 5.85 BW staat of valt met de zorgvuldige uitvoering ervan. Het is absoluut aangewezen om de tekortkomingen van de onderaannemer zorgvuldig te documenteren aan de hand van foto’s, e-mails, ingebrekestellingen, werfverslagen, …
Een zorgvuldig opgebouwd bewijsdossier maakt immers het verschil tussen een rechtmatige en onrechtmatige toepassing van de buitengerechtelijke vervanging en tussen de recuperatie van de kosten, dan wel het betalen van een schadevergoeding.
Wenst u over te gaan tot buitengerechtelijke vervanging of twijfelt u of aan de wettelijke voorwaarden is voldaan? Akurad Advocaten begeleidt u graag bij de beoordeling van uw dossier, de opmaak van de noodzakelijke ingebrekestellingen en kennisgevingen en de verdere juridische begeleiding van het vervangingsproces.